Over de grens

Ik tref haar in de woonkamer waar ze stokstijf stil staat: haar ogen flitsen door de kamer en ze praat afwerend en hard.

“mijn moeder is zo boos! Ze woont al 1,5 jaar op deze afdeling, maar ze wil nog steeds naar huis. Voor ons als familie, maar ook voor de verzorging is dit moeilijk”, zegt haar dochter tegen me.


Wat ik zie is misschien aan de oppervlakte boosheid, maar ik voel vooral veel angst. Ik neem haar mee naar haar kamer waar ze misschien wat veiliger is en daar vertelt ze me wat er is: 

“ze komen zomaar binnen gestormd (ze onderstreept dit met gebaren en bewegingen) en dan denk ik, Oh, gaat dat zomaar??”. Ik voel, terwijl ik mijn handen op haar rug en haar buik heb liggen, dat er angst is omdat er over haar grenzen gegaan wordt. Niet alleen in haar kamer, maar ook in haar persoonlijke ruimte. Natuurlijk gebeurt dit met alle goede bedoelingen, maar voor haar voelt het zo.


Margriet is een erg gevoelige vrouw en nu ze dementie heeft nog veel meer! Nare bijkomstigheid is dat ze niet meer zo goed kan zeggen waar haar grenzen liggen; ze kan alleen maar reageren met heel veel stress en die voel ik door haar lichaam gieren.

Als iemand met dementie zoveel stress heeft en al zolang, dan zie (en voel) ik dat het lichaam dit nauwelijks zelf meer kan reguleren. Er is continue onveiligheid en de Verkeerstoren staat de hele tijd aan. Ogen flitsen door de kamer en het hele lichaam staat de hele tijd strak.


Deze mevrouw ziet alleen een uitweg in het “naar huis gaan” , naar de veiligheid die ze kende. 

Het duurt in de behandeling echt wel even voordat haar lichaam zich overgeeft en heel even in een, zij het korte, ontspanning komt. Ze gaat eindelijk zitten en zucht diep.

Ik ben intens blij: haar lichaam weet tóch nog hoe het moet, ontspannen. En ik kan haar, door het contact met mijn handen, weer laten voelen dat ze misschien toch veilig genoeg is. Bij zichzelf.


Nieuwsgierig wat ik kan doen voor een bewoner met dementie? Ik geef ook workshops voor verzorgenden om te laten zien dat Cranio echt iets kan doen, ook voor het team!


12 februari 2026
Ik hoorde laatst van iemand die in zorg werkt, dat er meerdere trainingen, lezingen en workshops voor Mantelzorgers worden aangeboden. Iets wat ik niet wist en eigenlijk ook nooit hoor van Mantelzorgers. Waarschijnlijk omdat ze hiervoor geen ruimte hebben en doen wat ze doen: mantel zorgen. En mantel zorgen doen ze; 24 uur per dag, 7 dagen in de week. Met liefde stappen ze in het proces van hun dierbare met dementie, maar wat met liefde begint krijgt zijn vervolg in uitputting en overbelasting. De liefde kan nog wel eens onder gesneeuwd raken. Ik zie altijd een hamster in een tredmolen voor me; je stapt er nietsvermoedend in: je helpt je moeder met dit en dan met dat en voor je het weet ben je eerste conctactpersoon en vind je jezelf terug in een MDO (multidiscipinair overleg) in een verpleeghuis! Hoe ben je hier terecht gekomen. De grootste overtuiging van deze lieve mantelzorger is dat je door moet. Dat je er niet uit kan. Dat er geen tijd is voor jou, voor ontspanning of ruimte. Dat eerst je moeder het goed moet hebben en als alles geregeld is, kom jij wel aan de beurt. Maar weet je wanneer jouw moeder het goed heeft en wat het allerbelangrijkst is voor haar: dat JIJ overeind blijft! Ik zie af en toe mantelzorgers op mijn behandelbank die met veel schuldgevoel, maar ook te moe om hieraan toe te geven, toch een afspraak met mij maken. “Ik gun het mezelf te weinig”, zeggen ze dan. Maar na een uur liggen en heel diep ontspannen, lopen ze de deur uit met een gerustgesteld stress systeem. Als ons stress systeem heel erg aanstaat, doet ons relativeervermogen en ons logisch denken het niet meer. Je kan alleen nog maar denken: “ik moet door!”. En daar gaat het mis; je kan alleen maar door als je zelf af en toe kan afschakelen van deze rat race! Dus: stap over je schuldgevoel en moeheid heen en gun jezelf een reset. Een uur liggen, loslaten en opladen. Om de rest van je taak weer te kunnen dragen. Je helpt jezelf er mee en zeker ook je moeder!!
16 oktober 2025
Ik kom al enkele jaren bij hem: hij heeft Parkinson èn dementie. Ik ken hem als een snel overprikkelde man die niet meer kan vluchten voor alle herrie en mensen om hem heen en hierdoor af te toe wat overkookt. Dit doet hij in stilte; hij verstijft letterlijk, maar in zijn lichaam kookt hij over. Mijn behandeling doet hem altijd diep ontspannen: zijn lichaam laat spanning los en hij kan alle stress over al die prikkels loslaten. Maar ineens is het anders: de laatste keer dat ik bij hem was, was hij wel gestrest. Ik voelde al die spanning in zijn lijf. Maar…hij was niet overprikkeld en kookte ook niet over. Heel stilletjes en langzaam was hij de volgende fase van dementie ingegaan: hij trok zich terug binnenin zichzelf en sloot zich af voor al die prikkels. Ik moest goed zoeken in zijn ogen om hem te vinden en ook in zijn lichaam voelde ik hem slechts heel ver weg. Mijn “behandeldoel” veranderde zo: van diepe ontspanning en afvoer van overprikkeldheid, werd het diepe ontspanning en hem weer vinden. Hem laten voelen dat hij nog niet weg is, maar dat ik hem zie en voel. Heel langzaam werd hij wat alerter, keek me aan en was weer wat aanwezig. Zijn vrouw die er bij zat, zag het ook: daar is hij weer even. Hoe verdrietig ook: deze naar binnen gekeerde fase is weer een stap achteruit. Het zich terugtrekken van deze wereld en op weg naar een volgende wereld. Voor mij als Craniosacraal therapeute was het mooi om te voelen, dat ik ook hierin een rol heb en iets kan doen. Hem laten voelen dat hij nog gezien wordt: dat hij er nog is. En voor zijn vrouw fijn om weer in zijn ogen te kunnen kijken en hun liefde daar te voelen.